Uurroosters in het arbeidsreglement: minder formaliteiten vanaf 1 juni 2026

10 augustus 2026

Met de wet van 18 mei 2026 heeft de wetgever een oude administratieve verplichting deels afgevoerd. Sinds 1 juni 2026 moeten niet langer alle voltijdse uurroosters afzonderlijk in het arbeidsreglement worden opgenomen.

Wat verandert?

Tot voor kort moest elke mogelijke voltijdse arbeidsregeling die een onderneming wilde toepassen, terug te vinden zijn in het arbeidsreglement. Dat leidde in de praktijk vaak tot uitgebreide bijlagen en regelmatige wijzigingen van het arbeidsreglement.

Voortaan volstaat het om een algemeen kader vast te leggen.

 Dat kader vermeldt:

  • de dagen waarop arbeid kan worden verricht;
  • het tijdvak waarbinnen arbeid kan worden worden gepresteerd;
  • de minimale en maximale dagelijkse arbeidsduur;
  • de normale en maximale wekelijkse arbeidsduur.

 Binnen deze grenzen kunnen vervolgens verschillende uurroosters worden georganiseerd zonder dat telkens een wijziging van het arbeidsreglement nodig is.

 Een voorbeeld

Een arbeidsreglement kan bepalen dat arbeid mogelijk is van maandag tot en met zaterdag tussen x uur en x uur, met een minimale arbeidsduur van x uur en een maximale arbeidsduur van negen uur per dag, binnen een normale wekelijkse arbeidsduur van 38 uur.

De werkgever kan dan bijvoorbeeld een vroege ploeg, dagploeg en late ploeg organiseren zonder opnieuw de procedure tot wijziging van het arbeidsreglement te moeten doorlopen. Uiteraard zullen er op een gegeven moment wel concrete roosters moeten zijn, de werknemers moeten immer weten wanneer zij moeten werken. Maar dit wordt dan een kwestie van gezonde communicatie, overleg en planning – zonder opnieuw de procedure arbeidsreglement door te moeten (die als eens vastloopt).

 En de deeltijdse arbeid?

Voor deeltijdse werknemers verandert er weinig.

De vaste deeltijdse uurroosters moeten nog steeds in de arbeidsovereenkomst worden vermeld. Enkel wanneer zij niet volledig binnen het voorziene voltijdse kader vallen, blijft een opname in het arbeidsreglement aangewezen. Ook voor variabele deeltijdse uurroosters blijft het bestaande systeem behouden, waarbij het arbeidsreglement een algemeen kader kan bevatten. Opgelet. De inhoud van de arbeidsovereenkomst van werknemers die deeltijds tewerkgesteld zijn, blijft ongewijzigd.

 Niet onbeperkt

De nieuwe regeling biedt meer flexibiliteit, maar betekent niet dat het arbeidsreglement vrijblijvend kan worden opgesteld.

Een te ruim of te vaag geformuleerd kader kan aanleiding geven tot discussies met bijvoorbeeld, de sociale partners, werknemers.  Het arbeidsreglement moet voldoende duidelijk aangeven binnen welke grenzen de arbeid kan worden georganiseerd. Iedereen moet weten, waaraan en waaraf.

 Verplicht?

Neen.

Werkgevers mogen nog steeds kiezen voor het klassieke systeem waarbij alle voltijdse uurroosters expliciet in het arbeidsreglement worden opgenomen.

Wie gebruik wil maken van de nieuwe mogelijkheid, moet daarvoor wel eerst het arbeidsreglement wijzigen volgens de gebruikelijke procedure. Ook zal men moeten kiezen, hoe men dan met deze wet omgaat. Op een bepaald moment moeten er toch roosters gemaakt worden, bijgehouden, en gecommuniceerd. Puzzel je roosters in elkaar, telkens dat nodig is? Of maak je een set basis-roosters? En hoe rooster je werknemers in, communiceer je dat? Zijn er gevallen waarin het rooster eigenlijk contractueel moet vastliggen? Enz.

 Besluit

De wetgever kiest duidelijk voor meer flexibiliteit. Sinds 1 juni 2026 volstaat een voldoende nauwkeurig kader voor voltijdse arbeidsregelingen. Daardoor kan de arbeidsorganisatie eenvoudiger worden aangepast zonder telkens het arbeidsreglement te moeten herzien. Voor ondernemingen die met meerdere ploegen of wisselende uurroosters werken, betekent dit een welgekomen administratieve vereenvoudiging.

blogs overzicht